Psalmen 38:13-15
13
En die mijn ziel zoeken, leggen mij strikken; en die mijn kwaad zoeken, spreken verdervingen, en zij overdenken den gansen dag listen.
14
Ik daarentegen ben als een dove, ik hoor niet, en als een stomme, die zijn mond niet opendoet.
15
Ja, ik ben als een man, die niet hoort, en in wiens mond geen tegenredenen zijn.
Settings