Skip to content
Mattheüs 12:48-49

Mattheüs 12:48-49

48
Maar Hij, antwoordende, zeide tot dengene die Hem dat zeide: Wie is Mijn moeder, en wie zijn Mijn broeders?
49
En Zijn hand uitstrekkende over Zijn discipelen, zeide Hij: Ziet, Mijn moeder en Mijn broeders.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Options