Leviticus 9:18-21
18
Daarna slachtte hij den os, en den ram ten dankoffer, dat voor het volk was; en de zonen van Aaron leverden het bloed aan hem, hetwelk hij rondom op het altaar sprengde;
19
En het vet van den os, en van den ram, den staart, en wat het ingewand bedekt, en de nieren, en het net der lever;
20
En zij legden het vet op de borsten; en hij stak dat vet aan op het altaar.
21
Maar de borsten en den rechterschouder bewoog Aaron ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN, gelijk als Mozes geboden had.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein