Skip to content
Richteren 2:10-11

Richteren 2:10-11

10
En al datzelve geslacht ook tot zijn vaderen vergaderd was; zo stond er een ander geslacht na hen op, dat den HEERE niet kende, noch ook het werk, dat Hij aan Israel gedaan had.
11
Toen deden de kinderen Israels, dat kwaad was in de ogen des HEEREN, en zij dienden de Baals.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein