Skip to content
Joël 2:17-19

Joël 2:17-19

17
Laat de priesters, des HEEREN dienaars, wenen tussen het voorhuis en het altaar, en laat hen zeggen: Spaar Uw volk, o HEERE! en geef Uw erfenis niet over tot een smaadheid, dat de heidenen over hen zouden heersen; waarom zouden zij onder de volken zeggen: Waar is hunlieder God?
18
Zo zal de HEERE ijveren over Zijn land, en Hij zal Zijn volk verschonen.
19
En de HEERE zal antwoorden en tot Zijn volk zeggen: Ziet, Ik zend ulieden het koren, en den most, en de olie, dat gij daarvan verzadigd zult worden; en Ik zal u niet meer overgeven tot een smaadheid onder de heidenen.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein