Skip to content
Job 39:36-38

Job 39:36-38

36
Toen antwoordde Job den HEERE, en zeide:
37
Zie, ik ben te gering; wat zou ik U antwoorden? Ik leg mijn hand op mijn mond.
38
Eenmaal heb ik gesproken, maar zal niet antwoorden; of tweemaal, maar zal niet voortvaren.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein