Job 32:9-13
9
De groten zijn niet wijs, en de ouden verstaan het recht niet.
10
Daarom zeg ik: Hoor naar mij; ik zal mijn gevoelen ook vertonen.
11
Ziet, ik heb gewacht op ulieder woorden; ik heb het oor gewend tot ulieder aanmerkingen, totdat gij redenen uitgezocht hadt.
12
Als ik nu acht op u gegeven heb, ziet, er is niemand, die Job overreedde, die uit ulieden zijn redenen beantwoordde;
13
Opdat gij niet zegt: Wij hebben de wijsheid gevonden; God heeft hem nedergestoten, geen mens.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein