Job 13:25-27
25
Zult Gij een gedreven blad verbrijzelen, en zult Gij een drogen stoppel vervolgen?
26
Want Gij schrijft tegen mij bittere dingen; en Gij doet mij erven de misdaden mijner jonkheid.
27
Gij legt ook mijn voeten in den stok, en neemt waar al mijn paden; Gij drukt U in de wortelen mijner voeten,
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein