Jeremia 52:9-10
9
Zij dan grepen den koning, en voerden hem opwaarts tot den koning van Babel naar Ribla, in het land van Hamath; die sprak oordelen tegen hem.
10
En de koning van Babel slachtte de zonen van Zedekia voor zijn ogen; en hij slachtte ook al de vorsten van Juda te Ribla.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein