Skip to content
Jeremia 51:32-33

Jeremia 51:32-33

32
En dat de veren ingenomen, en de rietpoelen met vuur verbrand zijn; en dat de krijgslieden verbaasd zijn.
33
Want zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israels: De dochter van Babel is als een dorsvloer, het is tijd, dat men ze trede; nog een weinig, dan zal haar de tijd des oogstes overkomen.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein