Jesaja 7:10-13
10
En de HEERE voer voort te spreken tot Achaz, zeggende:
11
Eis u een teken van den HEERE, uw God; eis beneden in de diepte, of eis boven uit de hoogte.
12
Doch Achaz zeide: Ik zal het niet eisen, en ik zal den HEERE niet verzoeken.
13
Toen zeide hij: Hoort gijlieden nu, gij, huis van David! is het ulieden te weinig, dat gij de mensen moede maakt, dat gij ook mijn God moede maakt?
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein