Genesis 27:1-3
1
En het geschiedde, als Izak oud geworden was, en zijn ogen donker geworden waren, en hij niet zien kon; toen riep hij Ezau, zijn grootsten zoon, en zeide tot hem: Mijn zoon! En hij zeide tot hem: Zie, hier ben ik!
2
En hij zeide: Zie nu, ik ben oud geworden, ik weet den dag mijns doods niet.
3
Nu dan, neem toch uw gereedschap, uw pijlkoker en uw boog, en ga uit in het veld, en jaag mij een wildbraad;
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein