Skip to content
Ezechiël 48:1-7

Ezechiël 48:1-7

1
Dit nu zijn de namen der stammen. Van het einde noordwaarts, aan de zijde des wegs van Hethlon, waar men komt te Hamath, Hazar-Enon, de landpale van Damaskus, noordwaarts aan de zijde van Hamath (ook zal hij den oosterhoek en westerhoek hebben), zal Dan een snoer hebben.
2
En aan de landpale van Dan, van den oosterhoek tot den westerhoek toe, Aser een.
3
En aan de landpale van Aser, van den oosterhoek af tot den westerhoek toe, Nafthali een.
4
En aan de landpale van Nafthali, van den oosterhoek tot den westerhoek toe, Manasse een.
5
En aan de landpale van Manasse, van den oosterhoek tot den westerhoek toe, Efraim een.
6
En aan de landpale van Efraim, van den oosterhoek tot den westerhoek toe, Ruben een.
7
En aan de landpale van Ruben, van den oosterhoek tot den westerhoek toe, Juda een.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Options