Skip to content
Ezechiël 23:30-32

Ezechiël 23:30-32

30
Deze dingen zal men u doen, dewijl gij de heidenen nagehoereerd hebt, en omdat gij u met hun drekgoden verontreinigd hebt.
31
In den weg uwer zuster hebt gij gewandeld, daarom zal Ik haar beker in uw hand geven.
32
Alzo zegt de Heere HEERE: Gij zult den beker uwer zuster drinken, die diep en wijd is; gij zult tot belaching en spot worden; de beker houdt veel in.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein