Skip to content
Exodus 29:8-9

Exodus 29:8-9

8
Daarna zult gij zijn zonen doen naderen, en zult hen de rokken doen aantrekken.
9
En gij zult hen met den gordel omgorden, namelijk Aaron en zijn zonen; en gij zult hun de mutsen opbinden, opdat zij het priesterambt hebben tot een eeuwige inzetting. Voorts zult gij de hand van Aaron vullen, en de hand zijner zonen.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein