Skip to content
Esther 4:1-4

Esther 4:1-4

Mordechai treurt over het besluit

1
Als Mordechai wist al wat er geschied was, zo verscheurde Mordechai zijn klederen, en hij trok een zak aan met as; en hij ging uit door het midden der stad, en hij riep met een groot en bitter geroep.
2
En hij kwam tot voor de poort des konings; want niemand mocht in des konings poort inkomen, bekleed met een zak.
3
En in alle en een ieder landschap en plaats, waar het woord des konings en zijn wet aankwam, was een grote rouw onder de Joden, met vasten, en geween, en misbaar; vele lagen in zakken en as.

Esther hoort van de nood

4
Toen kwamen Esthers jonge dochters en haar kamerlingen, en zij gaven het haar te kennen; en het deed de koningin zeer wee; en zij zond klederen om Mordechai aan te doen, en zijn zak van hem af te doen; maar hij nam ze niet aan.

Bestudeer dit gedeelte

Commentaar op het gedeelte, niet per vers.

Waar de Schrift dit nog meer zegt.

  • Daniël 9:3

    En ik stelde mijn aangezicht tot God, den Heere, om Hem te zoeken met het gebed, en smekingen, met vasten, en zak, en as.
    vanuit vers 1
  • Psalmen 77:2

    Mijn stem is tot God, en ik roep; mijn stem is tot God, en Hij zal het oor tot mij neigen.
    vanuit vers 4
  • 2 Samuel 1:11

    Toen vatte David zijn klederen en scheurde ze; desgelijks ook al de mannen, die met hem waren.
    vanuit vers 1
  • 2 Samuel 13:19

    Toen nam Thamar as op haar hoofd, en scheurde den veelvervigen rok, dien zij aanhad; en zij legde haar hand op haar hoofd, en ging vast henen en kreet.
    vanuit vers 1
  • Ezechiël 27:30

    En zij zullen hun stem over u laten horen, en bitterlijk schreeuwen; en zij zullen stof op hun hoofden werpen, zij zullen zich wentelen in de as.
    vanuit vers 1
  • Ezechiël 27:31

    En zij zullen zich over u gans kaal maken, en zakken aangorden; en zullen over u wenen met bitterheid der ziel, en bittere rouwklage.
    vanuit vers 1
  • Job 42:6

    Daarom verfoei ik mij, en ik heb berouw in stof en as.
    vanuit vers 1
  • Jesaja 22:12

    En te dien dage zal de Heere, de HEERE der heirscharen, roepen tot geween, en tot rouwklage, en tot kaalheid, en tot omgording des zaks.
    vanuit vers 3
  • 1 Samuel 8:15

    En uw zaad, en uw wijngaarden zal hij vertienen, en hij zal ze aan zijn hovelingen, en aan zijn knechten geven.
    vanuit vers 4
  • 2 Koningen 9:32

    En hij hief zijn aangezicht op naar het venster, en zeide: Wie is met mij? Wie? Toen zagen op hem twee, drie kamerlingen.
    vanuit vers 4
  • Esther 1:12

    Doch de koningin Vasthi weigerde te komen op het woord des konings, hetwelk door den dienst der kamerlingen haar aangezegd was. Toen werd de koning zeer verbolgen, en zijn grimmigheid ontstak in hem.
    vanuit vers 4
  • Genesis 37:35

    En al zijn zonen, en al zijn dochteren maakten zich op, om hem te troosten; maar hij weigerde zich te laten troosten, en zeide: Want ik zal, rouw bedrijvende, tot mijn zoon in het graf nederdalen. Alzo beweende hem zijn vader.
    vanuit vers 4
Susa in the Time of Esther
Susa in the Time of Esther View full PDF
The Persian Empire in the time of Esther
The Persian Empire in the time of Esther View full PDF

Map © Biblica Open Bible Maps · CC BY-SA 4.0

Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Options