Deuteronomium 32:9-10
9
Want des HEEREN deel is Zijn volk, Jakob is het snoer Zijner erve.
10
Hij vond hem in een land der woestijn, en in een woeste huilende wildernis; Hij voerde hem rondom, Hij onderwees hem, Hij bewaarde hem als Zijn oogappel.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein