Deuteronomium 32:23-24
23
Ik zal kwaden over hen hopen; Mijn pijlen zal Ik op hen verschieten.
24
Uitgeteerd zullen zij zijn van honger, opgegeten van den karbonkel en bitter verderf; en Ik zal de tanden der beesten onder hen schikken, met vurig venijn van slangen des stofs.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein