Skip to content
1 Samuel 10:26-27

De eerste ontvangst van de koning

1 Samuel 10:26-27
26
En Saul ging ook naar zijn huis te Gibea, en van het heir gingen met hem, welker hart God geroerd had.
27
Doch de kinderen Belials zeiden: Wat zou ons deze verlossen? en zij verachtten hem, en brachten hem geen geschenk. Doch hij was als doof.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein