Skip to content

Abarim

5 verses · 2 known names

Ook bekend als: passages

31.7600, 35.7400 Bekijk op Google Maps

Verzen die Abarim noemen

  1. Daarna zeide de HEERE tot Mozes: Klim op dezen berg Abarim, en zie dat land, hetwelk Ik den kinderen Israels gegeven heb.

  2. En zij verreisden van Almon-Diblathaim, en legerden zich in de bergen Abarim, tegen Nebo.

  3. En zij verreisden van de bergen Abarim, en legerden zich in de vlakke velden der Moabieten, aan de Jordaan van Jericho.

  4. Klim op den berg Abarim (deze is de berg Nebo, die in het land van Moab is, die tegenover Jericho is), en zie het land Kanaan, dat Ik den kinderen Israels tot een bezitting geven zal;

  5. Klim op den Libanon en roep, en verhef uw stem op den Basan; roep ook van de veren; maar al uw liefhebbers zijn verbroken.