Hooglied 3:6-10
6
Wie is zij, die daar opkomt uit de woestijn, als rookpilaren, berookt met mirre en wierook, en met allerlei poeder des kruideniers?
7
Ziet, het bed, dat Salomo heeft, daar zijn zestig helden rondom van de helden van Israel;
8
Die altemaal zwaarden houden, geleerd ten oorlog, elk hebbende zijn zwaard aan zijn heup, vanwege den schrik des nachts.
9
De koning Salomo heeft zich een koets gemaakt van het hout van Libanon.
10
De pilaren derzelve maakte hij van zilver, haar vloer van goud, haar gehemelte van purper; het binnenste was bespreid met de liefde van de dochteren van Jeruzalem.
Settings