Naar de inhoud
Psalmen 91:1-7

Wonen in de schuilplaats van de Allerhoogste

Psalmen 91:1-7
1
Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Almachtigen.
2
Ik zal tot den HEERE zeggen: Mijn Toevlucht en mijn Burg! mijn God, op Welken ik vertrouw!
3
Want Hij zal u redden van den strik des vogelvangers, van de zeer verderfelijke pestilentie.
4
Hij zal u dekken met Zijn vlerken, en onder Zijn vleugelen zult gij betrouwen; Zijn waarheid is een rondas en beukelaar.
5
Gij zult niet vrezen voor den schrik des nachts, voor den pijl, die des daags vliegt;
6
Voor de pestilentie, die in de donkerheid wandelt; voor het verderf, dat op den middag verwoest.
7
Aan uw zijden zullen er duizend vallen, en tien duizend aan uw rechterhand; tot u zal het niet genaken.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Reading Width 45 chars

Options