Naar de inhoud
Psalmen 53:1-3

De ontkenning van de dwaas en algemene verdorvenheid

Psalmen 53:1-3
1
Een onderwijzing van David, voor den opperzangmeester, op Machalath.
2
De dwaas zegt in zijn hart: Er is geen God; zij verderven het, en zij bedrijven gruwelijk onrecht; er is niemand, die goed doet.
3
God heeft van den hemel nedergezien op de mensenkinderen, om te zien, of iemand verstandig ware, die God zocht.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Reading Width 45 chars

Options