Psalmen 25:7-10
7
Cheth. Gedenk niet der zonden mijner jonkheid, noch mijner overtredingen; gedenk mijner naar Uw goedertierenheid, om Uwer goedheid wil, o HEERE!
8
Teth. De HEERE is goed en recht; daarom zal Hij de zondaars onderwijzen in den weg.
9
Jod. Hij zal de zachtmoedigen leiden in het recht, en Hij zal den zachtmoedigen Zijn weg leren.
10
Caph. Alle paden des HEEREN zijn goedertierenheid en waarheid, dengenen, die Zijn verbond en Zijn getuigenissen bewaren.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein