Psalmen 22:14-16
14
Zij hebben hun mond tegen mij opgesperd, als een verscheurende en brullende leeuw.
15
Ik ben uitgestort als water, en al mijn beenderen hebben zich vaneen gescheiden; mijn hart is als was, het is gesmolten in het midden mijns ingewands.
16
Mijn kracht is verdroogd als een potscherf, en mijn tong kleeft aan mijn gehemelte; en Gij legt mij in het stof des doods.
Settings