Skip to content
Psalmen 2:1-8

Psalmen 2:1-8

1
Waarom woeden de heidenen, en bedenken de volken ijdelheid?
2
De koningen der aarde stellen zich op, en de vorsten beraadslagen te zamen tegen den HEERE, en tegen Zijn Gezalfde, zeggende:
3
Laat ons hun banden verscheuren, en hun touwen van ons werpen.
4
Die in den hemel woont, zal lachen; de HEERE zal hen bespotten.
5
Dan zal Hij tot hen spreken in Zijn toorn, en in Zijn grimmigheid zal Hij hen verschrikken.
6
Ik toch heb Mijn Koning gezalfd over Sion, den berg Mijner heiligheid.
7
Ik zal van het besluit verhalen: de HEERE heeft tot Mij gezegd: Gij zijt Mijn Zoon, heden heb Ik U gegenereerd.
8
Eis van Mij, en Ik zal de heidenen geven tot Uw erfdeel, en de einden der aarde tot Uw bezitting.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Options