Psalmen 18:38-40
38
Ik vervolgde mijn vijanden, en trof hen aan; en ik keerde niet weder, totdat ik hen verdaan had.
39
Ik doorstak hen, dat zij niet weder konden opstaan; zij vielen onder mijn voeten.
40
Want Gij omgorddet mij met kracht ten strijde; Gij deedt onder mij nederbukken, die tegen mij opstonden.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein