Skip to content
Spreuken 5:7-11

Spreuken 5:7-11

7
Nu dan, gij kinderen! hoort naar mij, en wijkt niet van de redenen mijns monds.
8
Maak uw weg verre van haar, en nader niet tot de deur van haar huis;
9
Opdat gij anderen uw eer niet geeft, en uw jaren den wrede;
10
Opdat de vreemden zich niet verzadigen van uw vermogen, en al uw smartelijke arbeid niet kome in het huis des onbekenden;
11
En gij in uw laatste brult, als uw vlees, en uw lijf verteerd is;
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Options