Nehemia 5:6-7
6
Toen ik nu hun geroep en deze woorden hoorde, ontstak ik zeer.
7
En mijn hart beraadslaagde in mij; daarna twistte ik met de edelen, en met de overheden, en zeide tot hen: Gijlieden vordert een last, een iegelijk van zijn broeder. Voorts belegde ik een grote vergadering tegen hen.