Nehemia 13:7-8
7
En ik kwam te Jeruzalem, en verstond van het kwaad, dat Eljasib voor Tobia gedaan had, makende hem een kamer in de voorhoven van Gods huis.
8
En het mishaagde mij zeer; zo wierp ik al het huisraad van Tobia buiten, uit de kamer.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein