Vers 3 wordt getoond met de omringende context.
1
Dit nu zijn de priesters en de Levieten, die met Zerubbabel, den zoon van Sealthiel, en Jesua, optogen: Seraja, Jeremia, Ezra,
2
Amarja, Malluch, Hattus,
3
Sechanja, Rehum, Meremoth,
5
Mijamin, Maadja, Bilga,
6
Semaja, en Jojarib, Jedaja,