Skip to content
Mattheüs 7:1-3

Mattheüs 7:1-3

1
Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt.
2
Want met welk oordeel gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden; en met welke mate gij meet, zal u wedergemeten worden.
3
En wat ziet gij den splinter, die in het oog uws broeders is, maar den balk, die in uw oog is, merkt gij niet?

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein