Skip to content
Mattheüs 27:29-30

Mattheüs 27:29-30

29
En een kroon van doornen gevlochten hebbende, zetten die op Zijn hoofd, en een rietstok in Zijn rechter hand; en vallende op hun knieen voor Hem, bespotten zij Hem, zeggende: Wees gegroet, Gij Koning der Joden!
30
En op Hem gespogen hebbende, namen zij de rietstok en sloegen op Zijn hoofd.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Reading Width 90 chars

Options