Job 9:10-12
10
Die grote dingen doet, die men niet doorzoeken kan; en wonderen, die men niet tellen kan.
11
Zie, Hij zal voor mij henengaan, en ik zal Hem niet zien; en Hij zal voorbijgaan, en ik zal Hem niet merken.
12
Zie, Hij zal roven, wie zal het Hem doen wedergeven? Wie zal tot Hem zeggen: Wat doet Gij?