Exodus 10:27-28
27
Doch de HEERE verhardde Farao's hart; en hij wilde hen niet laten trekken.
28
Maar Farao zeide tot hem: Ga van mij! wacht u, dat gij niet meer mijn aangezicht ziet; want op welken dag gij mijn aangezicht zult zien, zult gij sterven!
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein