Deuteronomium 14:27-28
27
Maar den Leviet, die in uw poorten is, zult gij niet verlaten; want hij heeft geen deel noch erve met u.
28
Ten einde van drie jaren zult gij voortbrengen alle tienden van uw inkomen, in hetzelve jaar, en gij zult ze wegleggen in uw poorten;
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein