Skip to content
2 Korinthe 11:32-33

2 Korinthe 11:32-33

32
De stadhouder van den koning Aretas in Damaskus, bezette de stad der Damaskenen, willende mij vangen;
33
En ik werd door een venster in een mand over den muur nedergelaten, en ontvlood zijn handen.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Options