Skip to content
1 Kronieken 15:5-10

1 Kronieken 15:5-10

5
Van de kinderen van Kehath was Uriel overste, en van zijn broederen waren honderd en twintig.
6
Van de kinderen van Merari was Asaja overste, en van zijn broederen waren tweehonderd en twintig.
7
Van de kinderen van Gersom was Joel overste, en van zijn broederen waren honderd en dertig.
8
Uit de kinderen van Elizafan was overste Semaja, en van zijn broederen waren tweehonderd.
9
Uit de kinderen van Hebron was Eliel overste, en zijn broederen waren tachtig.
10
Uit de kinderen van Uzziel was Amminadab overste, en zijn broederen waren honderd en twaalf.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein