Skip to content

Havilah

2 verses

30.1400, 35.2200 Bekijk op Google Maps

Verzen die Havilah noemen

  1. En zij woonden van Havila tot Sur toe, hetwelk tegenover Egypte is, daar gij gaat naar Assur; hij heeft zich nedergeslagen voor het aangezicht van al zijn broederen.

  2. Toen sloeg Saul de Amalekieten van Havila af, tot daar gij komt te Sur, dat voor aan Egypte is.