Naar de inhoud

Eliasaph

5 verzen · 3 familieleden

Verzen die Eliasaph noemen

  1. Van Gad, Eljasaf, de zoon van Dehuel.

  2. Daartoe de stam van Gad; en Eljasaf, de zoon van Rehuel, zal de overste der zonen van Gad zijn.

  3. Op den zesden dag offerde de overste der kinderen van Gad, Eljasaf, den zoon van Dehuel.

  4. En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Eljasaf, den zoon van Dehuel.

  5. En over het heir van den stam der kinderen van Gad was Eljasaf, de zoon van Dehuel.