18
Hij verloste mij van mijn sterken vijand, en van mijn haters, omdat zij machtiger waren dan ik.
19
Zij hadden mij bejegend ten dage mijns ongevals; maar de HEERE was mij tot een Steunsel.
20
En Hij voerde mij uit in de ruimte, Hij rukte mij uit, want Hij had lust aan mij.