Spreuken 7:1-5
1
Mijn zoon, bewaar mijn redenen, en leg mijn geboden bij u weg.
2
Bewaar mijn geboden, en leef, en mijn wet als den appel uwer ogen.
3
Bind ze aan uw vingeren, schrijf ze op de tafels uws harten.
4
Zeg tot de wijsheid: Gij zijt mijn zuster; en heet het verstand uw bloedvriend;
5
Opdat zij u bewaren voor een vreemde vrouw, voor de onbekende, die met haar redenen vleit.
Settings