Skip to content
Klaagliederen 3:28-30

Klaagliederen 3:28-30

28
Jod. Hij zitte eenzaam, en zwijge stil, omdat Hij het hem opgelegd heeft.
29
Jod. Hij steke zijn mond in het stof, zeggende: Misschien is er verwachting.
30
Jod. Hij geve zijn wang dien, die hem slaat, hij worde zat van smaad.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Reading Width 45 chars

Options