Job 41:15-17
15
Zijn hart is vast gelijk een steen; ja, vast gelijk een deel van den ondersten molensteen.
16
Van zijn verheffen schromen de sterken; om zijner doorbrekingen wille ontzondigen zij zich.
17
Raakt hem iemand met het zwaard, dat zal niet bestaan, spies, schicht noch pantsier.