Skip to content
Job 10:1-7

Job 10:1-7

1
Mijn ziel is verdrietig over mijn leven; ik zal mijn klacht op mij laten; ik zal spreken in bitterheid mijner ziel.
2
Ik zal tot God zeggen: Verdoem mij niet; doe mij weten, waarover Gij met mij twist.
3
Is het U goed, dat Gij verdrukt, dat Gij verwerpt den arbeid Uwer handen, en over den raad der goddelozen schijnsel geeft?
4
Hebt Gij vleselijke ogen, ziet Gij, gelijk een mens ziet?
5
Zijn Uw dagen als de dagen van een mens? Zijn Uw jaren als de dagen eens mans?
6
Dat Gij onderzoekt naar mijn ongerechtigheid, en naar mijn zonde verneemt?
7
Het is Uw wetenschap, dat ik niet goddeloos ben; nochtans is er niemand, die uit Uw hand verlosse.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Options