Skip to content
Hebreeën 11:37-38

Hebreeën 11:37-38

37
Zijn gestenigd geworden, in stukken gezaagd, verzocht, door het zwaard ter dood gebracht; hebben gewandeld in schaapsvellen en in geitenvellen; verlaten, verdrukt, kwalijk gehandeld zijnde;
38
(Welker de wereld niet waardig was) hebben in woestijnen gedoold, en op bergen, en in spelonken, en in holen der aarde.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Reading Width 45 chars

Options