Skip to content
Deuteronomium 9:16-17

Deuteronomium 9:16-17

16
En ik zag toe, en ziet, gij hadt tegen den HEERE, uw God, gezondigd; gij hadt u een gegoten kalf gemaakt; gij waart haastelijk afgeweken van den weg, dien u de HEERE geboden had.
17
Toen vatte ik de twee tafelen, en wierp ze heen uit beide mijn handen, en brak ze voor uw ogen.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein