Skip to content
Deuteronomium 15:21-22

Deuteronomium 15:21-22

21
Doch als enig gebrek daaraan zal zijn, hetzij mank of blind, of enig kwaad gebrek, zo zult gij het den HEERE, uw God, niet offeren;
22
In uw poorten zult gij het eten; de onreine en de reine te zamen, als een ree, en als een hert,

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein