Handelingen 19:14-16
14
Dezen nu waren zekere zeven zonen van Sceva, een Joodsen overpriester, die dit deden.
15
Maar de boze geest, antwoordende, zeide: Jezus ken ik, en Paulus weet ik; maar gijlieden, wie zijt gij?
16
En de mens, in welken de boze geest was, sprong op hen, en hen meester geworden zijnde, kreeg de overhand tegen hen, alzo dat zij naakt en gewond uit dat huis ontvloden.
Settings