2 Koningen 8:11-12
11
En hij hield zijn gezicht staande, en zette het vast tot schamens toe; en de man Gods weende.
12
Toen zeide Hazael: Waarom weent mijn heer? En hij zeide: omdat ik weet, wat kwaad gij den kinderen Israels doen zult; gij zult hun sterkten in het vuur zetten, en hun jonge manschap met het zwaard doden, en hun jonge kinderen verpletteren, en hun zwangere vrouwen opensnijden.
Settings